|
WISHBONE ASH
Begin en tot midden
jaren 70 behoorde Wishbone Ash tot het selecte kransje van
Engeland’s meest bekende rockbands. Alles was begonnen gedurende
de zomer van 1966 toen drummer Steve Upton in Devon een band
oprichtte : “Empty Vessels” samen met bassist/zanger Martin
Turner en gitarist Glen Turner.
Vrij snel veranderde de
naam in “Tanglewood” en verkaste de band naar Londen. Tijdens
een optreden in “The Country Club” in Hampstead, kwamen zij
onder de aandacht van zelfverklaarde rockmanager Miles Copeland,
die onder de indruk was van de jazz en progressieve
rockelementen binnen de band. Copeland bood meteen zijn diensten
als manager aan.
Op dat tijdstip verliet
Glen Turner de groep, zodat meteen gezocht werd naar een andere
gitarist. Via een aankondiging kwamen uiteindelijk 2
nieuwelingen bij de groep : David Alan “Ted” Turner en Andy
Powell. Hun integratie wordt de basis voor de sound van de
nieuwe line-up : dooreengevlochten gitaarriffs en stukken
gehaald uit zowel soul als blues, deze gekoppeld aan de
melodieuze bass van Martin Turner en het jazzy drumwerk van
Upton. De unieke twin-leadguitar sound was een feit. Iedereen
wat ongelukkig met de toenmalige groepsnaam en ondanks een paar
ideeën van Copeland, werd uiteindelijk uit twee woordenlijsten
een naam gepikt : Wishbone Ash.
De formatie repeteerde
intens gedurende weken in Copeland’s stek, werkte zo een
volledig nieuw repertoire uit en mocht voor het eerst openen
voor “The Aynsley Dunbar’s Retaliation”. Vrij snel daarna
stonden zij in het voorprogramma van “Deep Purple” en een
jamsessie tijdens de soundcheck tussen Andy Powell en Ritchie
Blackmore leidde ertoe dat Wishbone een contract kreeg
aangeboden van het Amerikaanse Decca label.
Hun eerste album
verscheen in 1970 met de groepsnaam als titel. De volgende twee
jaar kwamen daar de uitstekende LP’s “Pilgrimage” en “Argus” bij
, welke een duidelijke positieve evolutie in de sound van de
groep aantoonden. In 1973 verscheen “Wishbone Four” wat een
grotere rijpheid onderstreepte : songs die een folk invloed niet
verhulden, maar die de expliciete rockkant absoluut behielden.
Na dit album hield Ted
Turner het voor gezien en hij werd vervangen door Laurie
Wisefield. Albums “Locked in” en “New Engeland” volgden. Na
“Just testing” werd Martin Turner vervangen door ex-King Crimson
zanger/bassist John Wetton. In de jaren 80 modderde Wishbone Ash
maar wat aan, tot in 1986 een hernieuwde samenwerking met
voormalig manager Copeland tot stand kwam. Deze had het
ondertussen wel gemaakt als manager voor “The Police” en had
toen een eigen label : I.R.S. Records. Hierbij maakte Wishbone
Ash de cirkel rond door de reünie : Powell, Upton, Ted en Martin
Turner. Voor het IRS label maakten zij nog 3 albums. In 1988
toerden Powell en Ted Turner in Copeland’s project “Night of the
guitar”.
Aanvankelijk in de jaren
90 werd er nog getoerd, maar tegen 1995 was Andy Powell nog het
enige overblijvende lid van de basisformatie Wishbone Ash.
Sindsdien is Powell met wisselende bezetting op toernee en
vandaag vieren zij hun 40ste verjaardag met toernee
in meer dan 10 landen, nieuwe cd “Searching for Satellites” en
nu in de bezetting : Bob Skeat – bass, Muddy Manninen – guitar,
Joe Crabtree – drums en natuurlijk gitaarprins Andy Powell.
Niet te missen
: Phoenix ( Wishbone Ash 1970 )
The king
will come – Throw down the sword ( Argus – 1972 )
F.U.B.B. ( There’s the rub – 1974 )
De 3 “Live Dates” albums.
|